Rieten dak
Vogelhuis rieten dak: waar je op moet letten
Bijgewerkt op · Redactie Dakdekkercentraal
Een vogelhuis met een rieten dak maak je met dezelfde techniek als een echt rietdak, alleen dan op schaal: bosjes riet met de stoppelkant naar beneden, laagsgewijs opgeschoven en met draad op dunne latjes vastgezet. Houd minstens vijfenveertig graden helling aan, anders loopt regen niet weg maar naar binnen.
Waarom riet water keert zonder waterdichte laag
Een rietdak is niet dicht, het is dik. De halmen liggen schuin naast elkaar, en regen die erop valt zakt een paar centimeter in het pakket en loopt daarna van halm naar halm langs de buitenkant naar beneden. Bij een echt dak is de deklaag dertig centimeter dik en dringt het water hooguit een derde daarvan in. Op een vogelhuis schaal je die dikte niet mee: daar leg je hooguit vijf centimeter riet, en dat is te weinig om de nattigheid tegen te houden. Breng daarom onder het riet een gesloten laag aan, bijvoorbeeld een stukje dakleer, EPDM of gewoon een dichte houten plaat met een strook folie. Het riet is dan de zichtlaag en de zonwering, en de laag eronder houdt het huisje droog. Steilte helpt daarbij: hoe schuiner het vlak, hoe korter het water op het riet blijft.
Waar je bruikbaar riet vandaan haalt
Voor een klein dakje werkt echt dekriet het mooiste, omdat de halmen stevig zijn en dezelfde kleur houden als een groot rietdak. Rietdekkers houden altijd korte of gebroken bossen over die niet meer op een woning kunnen. Vraag bij een bedrijf in de buurt of je een restbos mag meenemen; vaak is dat geen probleem. Kom je daar niet aan, dan zijn er kant-en-klare rietmatjes voor tuinschermen, maar die bestaan uit dunne, holle halmen die veel sneller doorbuigen en na een paar seizoenen grijs en slap worden. Siergrassen uit de tuin, zoals miscanthus, zijn een aardig alternatief mits je ze in de winter snijdt en goed laat drogen. Nat gesneden materiaal beschimmelt in het pakket voordat je het huisje hebt opgehangen.
Zo zet je de bosjes vast
Schroef eerst twee of drie dunne latjes dwars op het dakvlak, evenwijdig aan de onderrand. Maak dan bosjes ter dikte van een duim en knip de onderkant recht af, zodat alle stoppels op één lijn liggen. Begin onderaan, laat de bosjes een paar centimeter over de rand steken en bind ze met roestvast staaldraad of gecoat binddraad aan de onderste lat. Werk daarna naar boven en laat elke laag ongeveer tweederde over de vorige vallen, zoals dakpannen. Klop het riet regelmatig aan met een plankje zodat de koppen strak in het vlak komen. Bij de nok laat je de bosjes van beide kanten tegen elkaar aan komen en dek je het geheel af met een omgeslagen bosje of met een strook lood. Gebruik geen lijm en geen nietjes van gewoon staal.
Wat je nodig hebt en wat het je kost aan werk
Aan materiaal ben je weinig kwijt: een handvol riet, wat latjes, roestvast draad en een stukje folie. De tijd is de echte inzet, en reken op een middag voor een dakje van dertig bij veertig centimeter als je het netjes wilt. Een rietdekker inschakelen heeft geen zin, want die rekent per vierkante meter gedekt oppervlak en hanteert een minimale opdracht die een vogelhuisje bij lange na niet haalt. Wil je toch iets kant-en-klaars, dan koop je een voorgemaakt rietpaneel per stuk en zaag je dat op maat, al valt het uiterlijk daarvan tegen omdat de halmen allemaal even lang zijn. Voor een tuinhuis of overkapping ligt het anders: daar wordt het gewoon per vierkante meter gedekt en gelden dezelfde regels als op een woning.
Het dakje dat van binnenuit gaat rotten
De meest gemaakte fout is een vogelhuis dat te goed dicht zit. Riet houdt warmte vast en dat is prettig voor een broedsel, maar de damp van een nest met jongen moet ergens heen. Zonder een kleine opening onderin en een spleet bij de nok blijft het vocht binnen, slaat het neer tegen de onderkant van het dak en begint het riet vanaf de binnenzijde te schimmelen. Je ziet er aan de buitenkant maanden niets van, tot het hele dakje in één keer inzakt. Boor daarom twee gaatjes van een halve centimeter in de bodem en laat aan de achterzijde onder het riet een luchtspleet vrij. Hang het huisje daarnaast niet pal onder een boom: bladval en constante schaduw houden riet nat, precies zoals dat op een echt rietdak gebeurt.
Veelgestelde vragen
Hoe lang gaat een rietdakje op een vogelhuis mee?
Met echt dekriet en een steile helling haal je vijf tot acht jaar voordat de bovenste laag vergrijst en losraakt. Onder een boom of tegen een schutting waar geen wind komt, is dat de helft. Bijwerken is simpel: haal het bovenste laagje eruit en bind er een verse laag overheen, net zoals een rietdekker een woningdak plaatselijk opnieuw doorstrijkt.
Moet je het riet behandelen tegen schimmel of brand?
Nee. Middelen tegen schimmel trekken vocht aan of vormen een filmlaag die het drogen juist tegenhoudt, waardoor het riet sneller aangetast raakt. Brandvertragers zijn bedoeld voor daken op woningen en hebben op een tuinobject geen functie. Wat wel helpt is de plek: een zonnige, luchtige hoek waar het pakket na een bui binnen een dag weer droog is.
Kan ik dit ook op een groter tuinhuis toepassen?
Ja, maar dan gelden de regels van een echt rietdak. De helling moet minstens vijfenveertig graden zijn, de deklaag flink dikker en de nok vraagt een afwerking met vorsten of met een rietkap. Boven een berging waar je gereedschap droog wilt houden, is het verstandig om er een rietdekker naar te laten kijken. Dat wordt per vierkante meter gedekt oppervlak begroot.