Pannendak
Dakpannen met zonnecellen: waar je op moet letten
Bijgewerkt op · Redactie Dakdekkercentraal
Dakpannen met zonnecellen zijn pannen waarin de cel al is verwerkt, zodat het dakvlak zelf stroom opwekt zonder panelen op beugels. Per vierkante meter leveren ze minder op dan gewone panelen, want er zit minder actief oppervlak in en de warmte onder de pan drukt het rendement verder omlaag.
Drie manieren om zon en dakvlak te combineren
De bekendste is het opdaksysteem: panelen op haken die aan de panlat of het spoor zijn geschroefd, met een luchtlaag van enkele centimeters onder het glas. Die opbouw levert het meeste op en is het eenvoudigst te vervangen. De tweede is het indaksysteem, waarbij de pannen over een vlak verdwijnen en de panelen zelf de waterkering vormen, opgesloten in een frame met afvoergoten. Dat oogt strak en is populair bij nieuwbouw. De derde is de zonnepan: elke pan of elk groepje pannen is een module met een eigen aansluiting onder het dak. Het dakvlak blijft er dan uitzien als een dak, en dat is precies waarom mensen het kiezen. Technisch is het de meest complexe van de drie, met het laagste rendement per vierkante meter.
Waarom warmte onder de pan het rendement drukt
Een zonnecel van silicium levert minder vermogen naarmate hij warmer wordt. De opgegeven waarden gelden bij vijfentwintig graden celtemperatuur, en op een windstille julimiddag loopt een donker dakvlak richting zestig graden of meer. Elke graad daarboven kost een klein deel van het vermogen, en die verliezen tellen op precies op het moment dat de zon het hardst schijnt. Een paneel op haken wordt van onderaf gekoeld door lucht die langs de achterkant stroomt, en die luchtlaag scheelt merkbaar in celtemperatuur. Een geïntegreerde zonnepan ligt strak op het dakvlak en kan die warmte veel slechter kwijt. Kies je dit systeem, vraag dan expliciet of er onder de pannen een geventileerde spouw zit en hoe de fabrikant het opbrengstverlies bij hoge temperatuur opgeeft.
Meer verbindingen betekent meer plekken waar het misgaat
Bij een gewoon systeem hangen tien tot twintig panelen aan een handvol strings met een stuk of veertig stekkerverbindingen. Bij zonnepannen ligt dat anders: elke pan of elk groepje krijgt een eigen aansluiting, en op een dakvlak lopen die connectoren met honderden tegelijk onder de pannen door. Elke verbinding is een plek waar vocht, corrosie of een slecht aangedrukte stekker weerstand kan geven, en weerstand betekent warmte op een plek waar niemand kijkt. Storingzoeken is daardoor bewerkelijk: om bij een aansluiting te komen moeten er pannen worden gelicht, en de monteur moet weten welke rij bij welke string hoort. Vraag daarom om een schema van de indeling en om het merk en type, zodat een ander bedrijf er over tien jaar nog mee uit de voeten kan.
Hoe zo'n dak wordt begroot
Zonnepannen gaan per stuk of per vierkante meter dakvlak, en let erop dat een deel van de pannen niet actief is: bij randen, rond een dakraam en langs de nok liggen gewone pannen die in het beeld passen. Vraag dus naar het aantal actieve pannen en het verwachte vermogen, niet naar het aantal pannen op het dak. De omvormer staat per stuk apart, net als de bekabeling en de aansluiting op de meterkast, en dat laatste is werk voor een elektricien. Vergelijk het geheel niet met alleen de prijs van panelen, maar met pannen plus panelen samen, want bij een dak dat toch gedekt moet worden vervalt een deel van het verschil. Vraag ook wat er op dat moment geldt voor het terugleveren aan het net, want die regels veranderen.
Een strak dakvlak op een kap die het niet lang meer maakt
De duurste misrekening is zonnepannen leggen op een dak waarvan het beschot, de folie of de panlatten binnen tien jaar toe zijn aan vervanging. De pannen gaan vijfentwintig jaar mee en de constructie eronder haalt dat niet, dus alles moet er tussentijds af en weer op, inclusief het loskoppelen en opnieuw aansluiten van elke module. Laat het dakvlak daarom eerst beoordelen: de staat van de panlatten, de folie en de koppen van de sporen bij de goot. Let daarnaast op schaduw. Een schoorsteen, een dakkapel of een boom die een enkele pan bedekt, kan bij een systeem zonder vermogensoptimalisatie per module een hele reeks terugbrengen. Laat vooraf uitrekenen hoe de schaduw over de dag en over het jaar loopt.
Veelgestelde vragen
Zijn dakpannen met zonnecellen vergunningvrij?
In de meeste gevallen wel, omdat ze in het dakvlak liggen en het aanzicht nauwelijks veranderen. Bij een monument of in beschermd stadsgezicht is dat anders en beslist de gemeente, waarbij een geïntegreerde oplossing juist vaker wordt toegestaan dan panelen op beugels. Informeer voordat je bestelt, en vraag bij een appartement ook toestemming aan de vereniging van eigenaars.
Wat gebeurt er als er één zonnepan sneuvelt door hagel?
Dan vervang je die ene module, mits het type nog leverbaar is. Dat laatste is het echte risico bij een jonge productsoort: fabrikanten wisselen modellen sneller dan een dak meegaat. Leg daarom bij oplevering een paar reservepannen op zolder en bewaar het typenummer. Meld schade door hagel bovendien bij je opstalverzekeraar, want dat is een plotselinge gebeurtenis.
Hoeveel dakvlak heb ik nodig voor dezelfde opbrengst?
Ruwweg een derde tot de helft meer dan met gewone panelen, want het actieve oppervlak per vierkante meter is kleiner en de bedrijfstemperatuur hoger. Op een groot zuiddak is dat geen bezwaar, op een klein of gedeeltelijk beschaduwd vlak wel. Laat de leverancier een opbrengstberekening maken op basis van jouw dakhelling en oriëntatie, en niet op basis van een landelijk gemiddelde.