Dakbeschot
Pir platen monteren tegen dakbeschot: zo gaat het, stap voor stap
Bijgewerkt op · Redactie Dakdekkercentraal
PIR-platen monteren tegen dakbeschot doe je van binnenuit, tussen of onder de sporen, met een dampremmende laag aan de warme kant en een geventileerde spouw van minstens drie centimeter tussen de plaat en het beschot. Zonder die spouw sluit je vocht op tegen het hout.
De volgorde van de lagen tegen het dakbeschot
Van buiten naar binnen ziet de opbouw er zo uit: pannen, panlatten, tengels, eventueel folie, dakbeschot, dan een luchtspouw, dan de PIR-plaat, dan de dampremmende laag en tot slot het regelwerk met gipsplaat of schroten. Elke laag heeft precies één taak. De spouw voert vocht af dat tegen de koude onderkant van het beschot ontstaat, en die spouw moet aan twee kanten open zijn: onderaan bij de goot lucht erin, bovenaan bij de nok lucht eruit. De PIR-plaat isoleert. De dampremmer houdt de vochtige binnenlucht tegen zodat die de isolatie niet in trekt. Het regelwerk daaronder geeft ruimte voor leidingen, zodat je later niet door de dampremmer heen hoeft te boren. Sla je die laatste ruimte over, dan prikt elke spot en elk stopcontact een gat in de laag die het dak droog houdt.
Tussen de sporen of als doorlopende laag eronder
Tussen de sporen isoleren is de bekendste manier en levert de minste hoogteverlies op, maar de sporen zelf blijven onbedekt en die vormen koudebruggen. Hout isoleert ongeveer vier keer slechter dan PIR, dus bij sporen om de zestig centimeter loopt er over een aanzienlijk deel van het oppervlak warmte weg. Je ziet dat later terug als strepen van stof op het plafond, precies boven elk spoor. Een doorlopende laag onder de sporen lost dat op: de platen komen als een gesloten vlak tegen de onderkant en overbruggen het hout. Dat kost een paar centimeter hoogte, wat op een zolder met beperkte stahoogte telt. De meest doordachte uitvoering combineert beide: een pakket tussen de sporen en daaronder een dunne doorlopende laag, met de dampremmer aan de binnenzijde van dat geheel.
Zagen, passen en de naden luchtdicht maken
PIR zaag je met een fijngetande handzaag of een schuimzaag; een cirkelzaag geeft veel stof en een rafelige kant. Meet elke tussenruimte apart, want oude sporen staan zelden precies op maat, en zaag de plaat een halve centimeter ruimer dan de opening zodat hij klemt. Duw de plaat niet met kracht in, want dan buigt hij door en verdwijnt de spouw erachter. Werk met afstandhoudertjes of latjes zodat je de drie centimeter luchtruimte gegarandeerd houdt. De naden tussen de platen en langs de sporen vul je met PUR-schuim in blikjes met een lange dunne mond, en na uitharding snijd je het overschot vlak af. Daarna gaat de dampremmende folie er in banen overheen, met een overlap van tien centimeter, geplakt met de tape van dezelfde fabrikant en overal doorlopend tot op de muur.
Zelf doen of laten doen, en hoe het wordt gerekend
Dit is een van de weinige isolatieklussen die zich voor eigen werk leent, want je werkt binnen, op een vloer, zonder hoogte. Voorwaarde is dat de kap gezond is en dat je de spouw kunt garanderen. Twijfel je of het beschot droog is, of zie je donkere vlekken langs de sporen, laat dan eerst iemand kijken; isoleren tegen nat hout maakt het probleem alleen sneller. Een isolatiebedrijf rekent per vierkante meter dakvlak, en die eenheid dekt de platen, het aanbrengen, de dampremmer en het afkitten van de randen. Het regelwerk en de afwerking met gipsplaat staan er los bij, evenals het leeghalen van de zolder. Vraag of de plaatdikte en de bijbehorende Rd-waarde in de offerte staan, en of de dampremmer met dezelfde merktape wordt verwerkt als de folie zelf.
De spouw die per ongeluk wordt dichtgezet
De fout die je pas na drie winters merkt, is een luchtspouw die ergens is afgesloten. Meestal gebeurt dat onderaan, bij de muurplaat, waar iemand de laatste plaat helemaal tot tegen de goot doorzet, of bovenaan bij de nok waar een strook isolatie de doorstroming blokkeert. De spouw is dan een gesloten doos geworden. Vocht dat er onvermijdelijk in komt, kan nergens heen en slaat neer op de onderkant van het beschot. Het gevolg is schimmel op het hout, isolatie die aan de bovenkant vochtig wordt en een muffe lucht op zolder. Laat daarom bij de goot en bij de nok een strook vrij en controleer met een lampje of je vanaf de nok licht ziet aan de gootzijde. Doe dat voordat het gipsplaat erop gaat, want daarna is de laag onbereikbaar.
Veelgestelde vragen
Waarmee zet je PIR-platen vast tegen het beschot?
Met tellerschroeven door de plaat heen in de sporen, niet in het beschot zelf, want dat plaatmateriaal houdt een schroef nauwelijks. Het aantal bevestigers per plaat volgt uit de windbelasting op die dakhelft; de randzone langs nok en gevel vraagt er meer dan het middenvlak. Lijmen alleen is bij een schuin dak niet genoeg.
Mag ik PIR direct tegen de onderkant van het beschot drukken?
Alleen als er boven het beschot een geventileerde ruimte zit, dus onder de pannen bij de tengels. Bij een dak met dampopen folie op het beschot en tengels erboven kan dat. Zit er onder de pannen geen ruimte of ligt er een dampdichte laag, dan hoort de spouw aan de binnenzijde. Bij twijfel houd je de spouw binnen aan; dat is de veilige keuze.
Is PIR brandveilig genoeg voor een zolderkamer?
PIR smelt en geeft rook af, dus het hoort altijd afgedekt te worden met een onbrandbare afwerking zoals gipsplaat. Kaal laten hangen mag niet in een ruimte waar mensen slapen. Bij een rieten dak of bij een woning met verhoogde eisen wordt vaak steenwol voorgeschreven. Vraag de dakdekker of het isolatiebedrijf welke afwerking bij jouw situatie hoort en laat dat in de opdracht opnemen.