Dakbeschot
Pir platen tegen dakbeschot: waar je op moet letten
Bijgewerkt op · Redactie Dakdekkercentraal
Pir platen tegen het dakbeschot schroef je aan de binnenzijde tegen de sporen, met een luchtdicht getapete naad tussen elke plaat. Negen centimeter haalt ongeveer Rd 4,0, waar minerale wol daar ruim twaalf centimeter voor nodig heeft. De aluminium cachering werkt zelf als dampremmende laag, mits elke naad sluit.
Wat PIR anders maakt dan wol of EPS
PIR is een hardschuim van polyisocyanuraat met een gesloten celstructuur en een lambdawaarde rond 0,022. Dat getal zegt hoeveel warmte het materiaal doorlaat, en hoe lager het uitvalt, hoe minder dikte je nodig hebt voor dezelfde isolatiewaarde. Minerale wol zit rond 0,035 en EPS rond 0,038, dus daar heb je voor eenzelfde Rd een half tot bijna twee keer zo dik pakket voor nodig. Op een zolder waar de stahoogte al krap is, beslist dat de keuze. Daar staat tegenover dat PIR stug blijft en niet meebuigt met een dakvlak dat scheluw ligt, en dat het schuim luchtdicht is maar niet dampopen. Wol laat vocht door en droogt naderhand op; PIR doet dat niet en moet daarom rondom aansluiten zonder kier.
Tegen de sporen zetten zonder koudebruggen
Er zijn twee manieren om PIR aan de binnenkant kwijt te raken. Tussen de sporen inpassen lijkt logisch, maar dan blijft elk spoor een strook onbehandeld hout van vier tot zeven centimeter breed die warmte doorlaat. Bij een dak met sporen op vijftig centimeter hart op hart gaat zo bijna een tiende van het vlak verloren aan die stroken. De tweede manier legt een doorlopende laag platen dwars over de sporen heen, vastgezet met tellerschroeven door de plaat in het hout. Dan loopt de isolatie ononderbroken door en zit er nergens een koud spoor. In de praktijk combineren dakdekkers beide: wol of dun PIR tussen de sporen voor de dikte, en een doorlopende plaat eroverheen tegen de koudebrug. De doorlopende laag is het deel dat het rendement bepaalt.
Brand en afwerking: PIR hoort niet in het zicht
Hardschuim brandt niet gemakkelijk, maar zodra het brandt geeft het veel rook af. Daarom mag een geïsoleerde zolder die je als slaapkamer of werkkamer gebruikt de platen niet onafgewerkt in het zicht laten. Er hoort een beschermende laag overheen, in de praktijk een gipsplaat van twaalf en een halve millimeter, of dikker bij een vluchtroute. Dat is geen cosmetische keuze maar een eis die met de gebruiksfunctie van de ruimte meekomt. Voor een onbewoonde bergzolder ligt het soepeler, al blijft kale cachering kwetsbaar: het aluminium scheurt zodra je er met een ladder of een doos langs schuurt, en dan is de dampremmende werking op die plek weg. Reken de gipsplaat en het stucwerk dus mee als je een zolder tot woonruimte maakt.
Hoe isolatiewerk met PIR wordt begroot
Het plaatwerk gaat per vierkante meter dakvlak, gemeten over het schuine vlak en niet over de vloer. In die eenheid zitten de plaat, het op maat snijden, het schroeven en de tape op de naden. Losse regels die er los bij horen: het verwijderen van oude isolatie, het aanhelen van dakbeschot dat aangetast blijkt, het aftimmerwerk rond dakramen en de gipsplaat met de afwerking daarvan. Vraag ook of het regelwerk apart staat, want een tweede laag latten om de gipsplaat op te bevestigen is timmerwerk met eigen uren. Wie een dubbele opbouw kiest, betaalt twee keer plaatsingsarbeid voor één isolatiepakket, en dat verschil is groter dan het verschil tussen twee merken plaat. Vraag de dakdekker de arbeid en het materiaal gescheiden te benoemen.
Wat je zelf kunt en waar het misgaat
Platen op maat snijden en schroeven is werk dat een handige doehetzelver aankan. Je snijdt PIR met een fijn getand mes of een handzaag, je werkt van boven naar beneden en je houdt de platen strak tegen elkaar. Waar het scheefloopt is de naad. Een kier van twee millimeter tussen twee platen lijkt niets, maar warme binnenlucht met waterdamp erin zoekt precies die opening op, slaat neer op het koude beschot erachter en laat daar een donkere streep achter die je pas twee winters later ziet. Tape daarom elke naad met een damptape die voor aluminium cachering bedoeld is, en werk de aansluiting op de muurplaat, de nok en de gevel net zo af. De plaatsing van de platen bepaalt maar de helft; de rest zit in de naden.
Veelgestelde vragen
Kun je PIR-platen op een oud dakbeschot aanbrengen?
Alleen als dat beschot droog en stevig is. Duw met je vuist tegen de delen en let op meegeven, donkere randen langs de sporen of een muffe lucht. Zodra je de platen ertegenaan zet, kijkt niemand er nog naar. Rot hout onder een luchtdichte laag droogt niet meer op en gaat verder, dus laat twijfelachtige delen eerst vervangen.
Hoeveel PIR heb je nodig voor een warme zolder?
Voor een zolder die je het hele jaar gebruikt is Rd 4,5 een verstandige ondergrens; dat komt neer op ongeveer tien centimeter PIR. Wil je aan de eisen voor nieuwbouw komen, dan zit je rond Rd 6,0 en dus rond veertien centimeter. Bedenk dat elke centimeter van je stahoogte af gaat, want deze isolatie komt aan de binnenkant.
Heb je nog dampremmende folie nodig bij gecacheerde platen?
In principe niet, want de aluminiumlaag remt de damp al. De folie zit alleen in het vlak en niet in de naden en de randen, en juist daar gaat het vocht doorheen. Kies dus voor damptape op elke naad en langs elke aansluiting. Werk je met platen zonder cachering, dan hoort er wel een aparte folie aan de warme zijde.